Berichten

Tweede Kamer wil onderzoek naar besteding BDU-gelden verkeer en vervoer voor gemeenten

Er komt een onderzoek naar de besteding van de Rijksuitkeringen aan provincies die zijn bestemd voor gemeentelijke mobiliteitstaken. De Tweede Kamer heeft op 12 februari 2019 hiertoe met algemene stemmen een motie over aangenomen van het CDA-kamerlid Von Martels. Het onderzoek is belangrijk voor gemeenten, omdat het niet duidelijk is of gemeenten in de afgelopen vijf jaar voldoende geld hebben ontvangen via de provincies.

Tijdens de behandeling van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) heeft de VNG in overleg met het GNMI aandacht gevraagd voor een aantal gemeentelijke kwesties die raken aan de uitvoering van dit plan. Zo is het pleidooi om de gemeentelijke bijzondere opsporingsambtenaren meer bevoegdheden voor verkeershandhaving te geven herhaald. Daarnaast vroegen VNG en GNMI aandacht voor de financiële uitvoerbaarheid van de doelstellingen van het SPV voor gemeenten. Voorheen ontvingen gemeenten financiële bijdragen vanuit de toenmalige Brede doeluitkering verkeer & vervoer van de provincies en de voormalige stadsregio’s als co-financiering van hun lokale verkeer- en vervoerstaken. Deze financiële bijdragen werden geïnvesteerd in verkeersveiligheid, doorstroming OV, verkeersmanagement en de fiets.

Deze brede doeluitkering is in 2015 overgeheveld naar het Provinciefonds en de beide vervoersregio’s MRDH en VRA. Op basis van een inventarisatie door het GNMI blijkt dat er sindsdien veel subsidieregelingen zijn geschrapt en het is onduidelijk hoe de provincies sinds 2015 zijn omgegaan met de BDU-middelen richting gemeenten. Voor het behalen van veel strategische beleidsdoelstellingen is het wel nodig dat gemeenten kunnen rekenen op het financieel bijspringen door de provincies. GNMI en VNG hebben daarom gepleit voor een onafhankelijk onderzoek naar de besteding van de BDU-middelen sinds de overheveling naar het provinciefonds in 2015. Tijdens de behandeling van het SPV heeft het Tweede Kamerlid Von Martels (CDA) hiervoor bij een motie aandacht gevraagd. Het GNMI is verheugd dat de Tweede Kamer hiermee unaniem heeft ingestemd en denkt graag mee met de Rijksoverheid over de uitvoering.

Fietsen

GNMI Intergemeentelijk Verkeersoverleg over de vrachtwagenheffing, financiering van mobiliteitsbeleid en Nationaal Wegen Bestand

Op 14 september kwam het GNMI Intergemeentelijk Verkeersoverleg bijeen in het stadhuis van Den Bosch. De deelnemers bespraken de voorgenomen invoering van de vrachtwagenheffing, het rapport van B naar Anders van de RLI over de financiering van het mobiliteitsbeleid en de stand van zaken rondom de doorontwikkeling van het Nationaal Wegen Bestand.

Vrachtwagenheffing

In het regeerakkoord van het kabinet Rutte-III is de invoering van de vrachtwagenheffing aangekondigd. De regering wil deze heffing invoeren zodat de maatschappelijke kosten van het weggebruik door de logistieke sector worden omgeslagen op de gebruikers. Daarnaast wordt er aangesloten bij het stelsel van gebruiksheffingen van omliggende landen. De regering wil de opbrengsten terugsluizen naar de logistieke sector voor verduurzaming en innovaties.

Het ministerie van I&W onderzoekt de praktische consequenties en grondslagen van de vrachtwagenheffing. Daarbij wordt ook gekeken naar het type wegen waarop de heffing wordt ingevoerd.

De gemeenten gaven aan dat goed onderzoek naar de verkeersveiligheid en de verplaatsingseffecten noodzakelijk is. Daarnaast vinden de gemeenten het wenselijk dat de effecten van de heffing op logistieke stromen en het gemeentelijke wegennet goed in kaart worden gebracht. Tot slot is het ook belangrijk dat de maatregel ondersteunend werkt richting de lokale en regionale duurzaamheidsambities.

Rapport van B naar Anders Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur

De Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur, een adviesorgaan van regering en Staten-Generaal, heeft gekeken naar de lange termijnontwikkelingen binnen mobiliteit en de effecten daarvan op de financiering van mobiliteitsmaatregelen en infrastructuur. De Raad heeft daarbij vooral gekeken naar de effecten van slimme mobiliteit en de duurzaamheidsopgave op de verplaatsing van personen en goederen. Het rapport van B naar Anders adviseert decentrale overheden om vooral de transities binnen mobiliteit goed in de gaten te houden en de duurzaamheidsopgave en behoefte aan sociale cohesie te gebruiken als handvatten voor het mobiliteitsbeleid. In het rapport staan ook concrete aanbevelingen opgenomen, zoals afstemming tussen budgetten en nieuwe ontwikkelingen, het beter benutten van bestaande infrastructuur en een heldere borging van publieke belangen vanwege de toetreding tot de mobiliteitsmarkt door disruptieve spelers.

Doorontwikkeling Nationaal Wegen Bestand

Rijkswaterstaat presenteerde de voortgang van het Samenwerkingsprogramma Nationaal Wegenbestand (NWB).

Het NWB is een routeerbaar verkeersbestand, dat informatie over het wegennetwerk in Nederland bevat. Het NWB wordt beheerd door Rijkswaterstaat, maar de kwaliteit van het bestand is sterk afhankelijk van het bijhouden door decentrale wegbeheerders. Het NWB wordt vooral gebruikt door hulpdiensten, als basisbestand voor verkeersmodellen en voor de registratie van maximale toegestane snelheden door applicaties.

Rijkswaterstaat onderzoekt de toekomst van het bestand, zodat overheden grip houden op de data die gerelateerd is aan het openbare wegennetwerk en de samenleving gebruik kan maken van actuele en betrouwbare brondata. Via een tweetal pilots wordt gekeken naar de datakwaliteit en de toepasbaarheid van gegevens voor een breder gebruik. Eind dit jaar wordt een adviesrapport gepubliceerd, waarin aanbevelingen over de borging, financiering en bestuurlijke inbedding van het bestand en de toekomstige ontwikkelrichting wordt aangegeven.

 

 

Maak bereikbaarheidsmaatregelen financieel mogelijk via een landelijk bereikbaarheidsfonds

De VOC adviseert positief over de vorming van een landelijk bereikbaarheidsfonds door de Rijksoverheid. Dit fonds moet niet alleen gebruikt worden voor de financiering van nieuwe grootschalige infrastructuur, maar ook voor maatregelen die bereikbaarheidsdoelstellingen binnen gemeenten realiseren. Dit hoeft niet alleen over investeringen te gaan: gemeenten hebben vaak juist behoefte aan het meebetalen van de exploitatie van maatregelen die de verkeersdrukte in goede banen leiden of juist verminderen. Lees meer