Berichten

VOC denkt mee over beheer en ontsluiting data infrastructuur

De VOC denkt mee met de verkenningen naar een nieuw topologisch bestand voor infrastructuur. In dit open databestand worden alle relevante gegevens over de infrastructuur in Nederland opgenomen. De verkenning is een initiatief van Rijkswaterstaat.

Sinds de jaren tachtig verzamelt de Rijksoverheid data over Nederlandse wegen in het Nationaal Wegen Bestand (NWB). De technologische ontwikkelingen hebben dit systeem inmiddels ingehaald: er is steeds meer behoefte aan actuele data over infrastructuur in brede zin. Voor de ontwikkeling van intelligente transportsystemen zoals zelfrijdende voertuigen (C-ITS) is actuele en accurate data over infrastructuur cruciaal. Er is ook behoefte aan inzicht over de fysieke eigenschappen en gebruikseffecten van infrastructuur. Daardoor kunnen overheden en marktpartijen inzicht krijgen voor maatregelen en mogelijke producten. Voor wegbeheerders geeft het nieuwe bestand inzicht in het gebruik van hun infrastructuur en de gevolgen daarvan voor bijvoorbeeld de milieukwaliteit en drukte. Voor marktpartijen biedt het bestand goede brondata voor de ontwikkeling van reisinformatiediensten en de ontwikkeling van verkeersmodellen.

Duidelijke afspraken over beheer 

De VOC begrijpt de gedachte van de doorontwikkeling van het NWB. Borging van deze data ziet de VOC als een publieke taak. Het is belangrijk dat wegbeheerders en andere mobiliteitspartijen accuraat zicht hebben op de inrichting en prestaties van de infrastructuur. Hier geldt wel dat alle gemeenten bij elkaar meer dan 100.000 kilometer aan wegen beheren. Daarom is het noodzakelijk dat de inhoudelijke meerwaarde van een nieuwe opzet goed wordt onderbouwd. Ook qua tijdsinzet en de verdeling van de kosten voor ontwikkeling en beheer moeten gemeenten goed kunnen inschatten wat aansluiting op een nieuwe database betekent.

Geluid en trillingen

De VOC adviseert Rijkswaterstaat om goed te kijken naar het opnemen van infrastructurele voorzieningen zoals parkeergarages en laadinfrastructuur. Dit maakt het ook mogelijk om een beter beeld te krijgen over infrastructuurgebruik voor bijvoorbeeld verkeersmanagement en het treffen van verkeersmaatregelen. Daarnaast zijn de milieueffecten van infrastructuur ook relevant voor lokale overheden. Denk daarbij aan geluidhinder rond wegen, maar ook de uitstoot van schadelijke stoffen en trillingen die door het verkeer worden veroorzaakt.  Tenslotte vraagt de VOC aandacht voor de samenhang met de opgave vanuit de Omgevingswet voor overheden om ruimtelijke data te verzamelen en te ontsluiten.

 

 

 

Kopfoto IVO fietsers

VOC Intergemeentelijk verkeersoverleg over autodelen en ontsluiting data infrastructuur

Op vrijdag 3 februari kwam het Intergemeentelijk Verkeersoverleg bijeen om te spreken over actuele mobiliteitsontwikkelingen. De deelnemende gemeenten spraken in Arnhem over onder andere de Green deal autodelen, veiligheid bij spoorwegovergangen en het Nationaal Wegenbestand.

Opzet en werkwijze Intergemeentelijk Verkeersoverleg (IVO)

Het IVO is de voormalige ambtelijke adviesgroep over mobiliteitszaken van de VNG. Het IVO heeft zich per januari 2017 aangesloten bij de VOC als ondersteunende partij. In het IVO wisselen bestuursadviseurs van de betrokken gemeenten kennis en standpunten over mobiliteitsontwikkelingen en landelijk beleid uit. Vervolgens worden standpunten uitgedragen naar het ministerie, de Tweede Kamer en andere partijen.  Het IVO wordt gevoed door partijen zoals Rijkswaterstaat, Prorail, het ministerie van Infrastructuur en Milieu en kennisplatform CROW. De VOC overlegt met andere partijen zoals SWOV en Vexpan over hun bijdrage aan de inhoudelijke agenda.

Het IVO komt ieder kwartaal bijeen in een gastgemeente. In de ochtenduren wordt er gesproken over actuele ontwikkelingen, gereageerd op wetgevingstrajecten die gemeentelijke mobiliteit raken en advies gegeven over standpunten die bestuurlijk kunnen worden ingenomen namens de aangesloten gemeenten. De VOC zal daar vervolgens handen en voeten aan geven. Sommige dossiers worden ook inhoudelijk opgepakt via de VNG-commissie Milieu, energie en mobiliteit. In de middaguren geven kenniscentra, marktpartijen en andere overheidsvertegenwoordigers presentaties over ontwikkelingen op mobiliteitsgebied en is er ruimte voor de gastgemeente om de IVO-deelnemers te informeren over een project of stedelijke ontwikkeling rondom mobiliteit.

Green deal autodelen

Als eerste inhoudelijke punt werd de Green deal autodelen toegelicht door Rijkswaterstaat. De Rijksoverheid, gemeenten, verzekeraars en aanbieders van leaseauto’s willen het autodelen stimuleren. Zij zetten in op een groei naar 100.000 beschikbare deelauto’s in 2018. De Green Deal Autodelen wil partijen samenbrengen om kennis te delen, belemmeringen weg te nemen en concrete acties uitzetten om deze doelstelling te halen.In 2014 waren er 15.000 deelauto’s. Het aantal deelauto’s neemt wel toe en de Rijksoverheid wil deze groene vorm van mobiliteit snel stimuleren. Autodelen zorgt, naast de vermindering van de uitstoot van schadelijke stoffen, ook voor een verschuiving van voertuigbezit naar het delen van voertuigen en kan dus ook een oplossing zijn voor wijken met een hoge parkeerdruk. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken, moeten gemeenten wel rekening houden met de aanleg van infrastructuur en een vorm van parkeerregulering die aansluit bij de behoefte van gebruikers. Gemeenten zoeken ook naar methoden om het deelautogebruik planologisch goed te regelen door te kijken of het delen van auto’s bij nieuwbouwprojecten gestimuleerd kan worden via de voorwaarden van de omgevingsvergunning en het bestemmingsplan. Vast staat dat gemeenten nog de nodige barrières moeten overwinnen om het deelautogebruik te stimuleren. Het IVO komt dan ook terug op dit onderwerp.

Platform incidentenanalyse overwegen

De VOC neemt deel aan het platform incidentenanalyse overwegen van Prorail. Via dit platform wil Prorail het onderzoek naar de verbetering van de veiligheid van spoorwegovergangen begeleiden en oplossingen aandragen. De VOC let daarbij goed op de belangen van gemeenten: zij hebben een rol als wegbeheerder en overwegen liggen vaak op routes die veel gebruikt worden door fietsers en voetgangers. Er speelt dus ook een afweging tussen veiligheid en bereikbaarheid van inwoners en bedrijven.

Nationaal Wegenbestand

In het middagprogramma werden er twee presentaties gegeven.

Rijkswaterstaat presenteerde het proces dat moet leiden tot het Nationaal Infrastructuurhuis. Het Nationaal Infrastructuurhuis moet de opvolger worden van het Nationaal Wegenbestand,  waarin alle eigenschappen van wegen bij elkaar zijn gebracht. Het Nationaal Wegenbestand bevat brondata voor het maken van beleid en het plannen van werkzaamheden aan de infrastructuur, zoals milieugegevens, verkeersmodellen en overzichten van werkzaamheden en strooiroutes. Maar Rijkswaterstaat wil verder gaan en via het Infrastructuurhuis het ontsluiten van data voor slimme vormen van mobiliteit en dienstenaanbieders mogelijk maken. In de toekomst past het Infrastructuurhuis dus bij de nieuwe Omgevingswet, waarvan een van de leidende principes is dat de overheid alle data over de leefomgeving toegankelijk en beschikbaar maakt. Overheden, burgers en ondernemers kunnen vervolgens op basis van deze data beleid maken, hun leefomgeving beheren en nieuwe producten ontwikkelen. Rijkswaterstaat haalt momenteel informatie op over de eisen en eigenschappen waaraan het Nationaal Infrastructuurhuis moet voldoen. De VOC heeft zich bij dit traject aangesloten als vertegenwoordiger van de gemeenten.

Inkomsten fietsparkeren op stations

De VOC is betrokken bij het Landelijke bestuursakkoord fietsparkeren op stations. Dit akkoord regelt de financiering van nieuwe fietsenstallingsplaatsen bij treinstations. Ondanks deze afspraken wegen kosten en baten niet tegen elkaar op. Gemeenten moeten veel geld bijleggen om de exploitatietekorten te dekken. In opdracht van de VOC hebben studenten van Windesheim Flevoland mogelijkheden voor nieuwe inkomsten van stationsfietsenstallingen onderzocht. Er kan bijvoorbeeld worden gestuurd op het inzetten van advertentieruimte, vastgoedexploitatie in de stallingen, het aanbieden van commerciële diensten zoals een pakketautomaat of het stimuleren van dubbelgebruik van de stallingen in de avonduren. Maar geen van deze oplossingen zorgt uiteindelijk voor een forse reductie van het exploitatietekort.

Verdere planning IVO

Het IVO komt op 31 maart weer bijeen. Dan zal ook de planning van onderwerpen voor de komende tijd worden doorgenomen. De aangesloten gemeenten willen in ieder geval verder spreken over o.a. de uitwerking van de Green deal autodelen, verkeersveiligheid en zero emissie van voertuigen.

Meer weten over het Intergemeentelijk Verkeersoverleg? Neem dan contact op met IVO-secretaris Reinard Noordergraaf, reinard.noordergraaf@vng.nl of telefoonnummer 06-15573209.