Berichten

GNMI-themabijeenkomst datalandschappen mobiliteit leidt tot goede kennisdeling tussen gemeenten en Rijksoverheid

Op 9 april organiseerden het GNMI en Rijkswaterstaat een bijeenkomst over datalandschappen in mobiliteit.  Het GNMI en Rijkswaterstaat willen gemeenten, Rijksoverheid en andere publieke partijen bijeenbrengen om samen op te trekken bij de organisatie van wegen- en mobiliteitsdata. De uitkomsten van deze bijeenkomst worden betrokken in diverse ontwikkeltrajecten rondom publieke data, zoals het Nationaal Wegenbestand. 

Er zijn in Nederland een aantal publieke dataknooppunten rondom wegen en mobiliteit. Deze dataknooppunten verzamelen en ontsluiten gegevens over een brede waaier aan onderwerpen: van de ligging van het wegennet tot het gebruik van het openbaar vervoer. Gemeenten zijn als grootste wegbeheerder in toenemende mate aan zet om een bijdrage te leveren aan het voeden van deze dataknooppunten en zien zichzelf geconfronteerd worden met allerlei vragen die te maken hebben met de beschikbaarheid, actualiteit en kwaliteit van data.

Maatschappelijke doelen vragen om goede ontsluiting van publieke data
Diverse maatschappelijke doeleinden vragen om actuele en valide publieke data. Dat geldt ook voor de aanbieders van informatiediensten. Daarnaast zijn er allerlei ontwikkelingen, van de invoering van milieuzones tot het sturen van de parkeervraag, die data vragen maar ook genereren. Marktpartijen en gebruikers kijken vooral naar de overheid voor het leveren van accurate en gevalideerde data, maar lang niet alle beschikbare data worden ontsloten en een overzicht van databronnen ontbreekt. Het ministerie van I&W gaf aan dat landelijke dekking en tijdige informatiestromen belangrijke aandachtspunten zijn bij het organiseren van dataknooppunten. Het ministerie geeft veel aandacht aan het standaardiseren en ontsluiten van data, bijvoorbeeld door basisnormen over het verzamelen van bepaalde data vast te leggen en met mede-overheden hierover afspraken te maken (top-15 NL). Dit proces roept uiteraard ook vragen over de beschikbaarheid en gegevensbescherming op. En er moet ook gekeken worden naar het dragen van de benodigde exploitatielasten die met dataverzameling en -ontsluiting gepaard gaan.

Ontwikkelingen rondom datalandschappen: basisregistraties en Nationaal Wegen Bestand
VNG Realisatie presenteerde de stand van zaken rondom de ontwikkeling van de publieke basisregistraties. Deze publieke basisregistraties gaan over het registreren van fysieke objecten in de leefomgeving zoals gebouwen. De basisregistraties zijn in de wet vastgelegd en de wijze van aanleveren, bijhouden en ontsluiten van data is daardoor uniform geregeld. De VNG streeft naar het invoeren van een samenhangende objectenregistratie, die de bestaande basisregistraties bundelt in één systeem en de volledige levenscyclus van objecten in een 3D-omgeving volgt. Het opnemen van het wegennetwerk is een aandachtspunt.

Rijkswaterstaat werkt aan een inventarisatie van de landelijke dataknooppunten. Op basis daarvan wordt gekeken naar onderlinge samenhang en het voorkomen van dubbel werk rondom het aanleveren van gegevens door de diverse bronhouders aan systemen. Een andere ontwikkeling is dat gebruikers ook behoefte hebben aan actueel inzicht over de ligging en vormgeving van het wegennetwerk in het Nationale Wegen Bestand (NWB). Hiervoor is een ontwikkeltraject ingezet waarbij Rijkswaterstaat en decentrale overheden samen werken aan de actualisatie van het NWB, zodat overheden en gebruikers een goed basisbestand hebben dat de basis vormt voor goede vastlegging van het Nederlandse wegennetwerk. Het GNMI is betrokken bij dit traject.
Dit bestand bevat naast het wegennetwerk in de toekomst ook verkeerskundige eigenschappen zoals rijrichtingen en snelheden. Voor overheden betekent het bestand dat er actuele en gevalideerde informatie over de ligging en vormgeving van het wegennetwerk beschikbaar is. Dit is een belangrijke informatiebron voor bijvoorbeeld de positionering van hulpdiensten door de 112-meldkamers, parkeerregulering en gevaarlijke stoffenroutes.

De uitkomsten van de bijeenkomst worden betrokken bij diverse ontwikkelingen zoals de basisregistraties en het Nationaal Wegen Bestand. Het GNMI is hierbij betrokken en wil de schakel vormen tussen het ophalen van gemeentelijke behoeften en de landelijke strategie rondom mobiliteitsgerelateerde overheidsdata.

 

 

 

Fietsen

GNMI Intergemeentelijk Verkeersoverleg over de vrachtwagenheffing, financiering van mobiliteitsbeleid en Nationaal Wegen Bestand

Op 14 september kwam het GNMI Intergemeentelijk Verkeersoverleg bijeen in het stadhuis van Den Bosch. De deelnemers bespraken de voorgenomen invoering van de vrachtwagenheffing, het rapport van B naar Anders van de RLI over de financiering van het mobiliteitsbeleid en de stand van zaken rondom de doorontwikkeling van het Nationaal Wegen Bestand.

Vrachtwagenheffing

In het regeerakkoord van het kabinet Rutte-III is de invoering van de vrachtwagenheffing aangekondigd. De regering wil deze heffing invoeren zodat de maatschappelijke kosten van het weggebruik door de logistieke sector worden omgeslagen op de gebruikers. Daarnaast wordt er aangesloten bij het stelsel van gebruiksheffingen van omliggende landen. De regering wil de opbrengsten terugsluizen naar de logistieke sector voor verduurzaming en innovaties.

Het ministerie van I&W onderzoekt de praktische consequenties en grondslagen van de vrachtwagenheffing. Daarbij wordt ook gekeken naar het type wegen waarop de heffing wordt ingevoerd.

De gemeenten gaven aan dat goed onderzoek naar de verkeersveiligheid en de verplaatsingseffecten noodzakelijk is. Daarnaast vinden de gemeenten het wenselijk dat de effecten van de heffing op logistieke stromen en het gemeentelijke wegennet goed in kaart worden gebracht. Tot slot is het ook belangrijk dat de maatregel ondersteunend werkt richting de lokale en regionale duurzaamheidsambities.

Rapport van B naar Anders Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur

De Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur, een adviesorgaan van regering en Staten-Generaal, heeft gekeken naar de lange termijnontwikkelingen binnen mobiliteit en de effecten daarvan op de financiering van mobiliteitsmaatregelen en infrastructuur. De Raad heeft daarbij vooral gekeken naar de effecten van slimme mobiliteit en de duurzaamheidsopgave op de verplaatsing van personen en goederen. Het rapport van B naar Anders adviseert decentrale overheden om vooral de transities binnen mobiliteit goed in de gaten te houden en de duurzaamheidsopgave en behoefte aan sociale cohesie te gebruiken als handvatten voor het mobiliteitsbeleid. In het rapport staan ook concrete aanbevelingen opgenomen, zoals afstemming tussen budgetten en nieuwe ontwikkelingen, het beter benutten van bestaande infrastructuur en een heldere borging van publieke belangen vanwege de toetreding tot de mobiliteitsmarkt door disruptieve spelers.

Doorontwikkeling Nationaal Wegen Bestand

Rijkswaterstaat presenteerde de voortgang van het Samenwerkingsprogramma Nationaal Wegenbestand (NWB).

Het NWB is een routeerbaar verkeersbestand, dat informatie over het wegennetwerk in Nederland bevat. Het NWB wordt beheerd door Rijkswaterstaat, maar de kwaliteit van het bestand is sterk afhankelijk van het bijhouden door decentrale wegbeheerders. Het NWB wordt vooral gebruikt door hulpdiensten, als basisbestand voor verkeersmodellen en voor de registratie van maximale toegestane snelheden door applicaties.

Rijkswaterstaat onderzoekt de toekomst van het bestand, zodat overheden grip houden op de data die gerelateerd is aan het openbare wegennetwerk en de samenleving gebruik kan maken van actuele en betrouwbare brondata. Via een tweetal pilots wordt gekeken naar de datakwaliteit en de toepasbaarheid van gegevens voor een breder gebruik. Eind dit jaar wordt een adviesrapport gepubliceerd, waarin aanbevelingen over de borging, financiering en bestuurlijke inbedding van het bestand en de toekomstige ontwikkelrichting wordt aangegeven.

 

 

GNMI adviseert Rijkswaterstaat over ontwikkeling Nationaal Wegenbestand

Het GNMI gaat Rijkswaterstaat adviseren bij de ontwikkeling van het Nationaal Wegenbestand (NWB). Het NWB bevat basisgegevens over de weginfrastructuur in Nederland. Het GNMI verkent de mogelijkheden om het NWB beter geschikt te maken voor gebruik door gemeenten. De verkenning van het GNMI maakt onderdeel uit van een groter onderzoek van Rijkswaterstaat naar de verbetering van de kwaliteit van het NWB.

Gemeenten zijn samen de grootste wegbeheerder van ons land. Het is daarom belangrijk dat goede werkafspraken worden gemaakt over data-uitwisseling tussen het NWB en de gemeentelijke diensten, zodat er accurate en betrouwbare data over het Nederlandse wegennetwerk beschikbaar blijft. Het GNMI gaat samen met de gemeenten die al zijn aangesloten én met de gemeenten die nog geen informatie leveren aan het NWB in gesprek om de ontwikkelingen van het NWB te bespreken. Rijkswaterstaat kijkt op basis hiervan hoe het NWB beter kan worden afgestemd op de behoeften van gemeenten en hoe het NWB verder kan worden ontwikkeld. In een later stadium kunnen er afspraken worden gemaakt de voorwaarden voor het gebruik en onderhoud van het NWB.

Over het NWB

Wegen in Nederland worden beheerd door de Rijksoverheid, provincies, waterschappen en gemeenten. De overheden dragen zelf zorg voor een goede registratie van gegevens over de weginfrastructuur. Denk daarbij aan afmetingen van rijstroken, de hoogte van viaducten en de toegestane voertuigcategorieën. Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw beschikt Rijkswaterstaat over een overkoepelende database waarin zowel Rijkswegen, provinciale wegen, waterschapswegen als gemeentelijke wegen in opgenomen kunnen worden: het Nationaal Wegenbestand. Waterwegen maken hier ook onderdeel van uit. Sinds 2011 is het bestand openbaar toegankelijk. Het NWB wordt echter nog niet gebruikt door alle overheden en verdient op een aantal punten verbetering.

Uitwisseling data

Rijkswaterstaat constateert dat weggebruikers steeds vaker vragen om actuele en meer gedetailleerde informatie. In veel gevallen bieden marktpartijen daar oplossingen voor. Echter voor de overheid is het belangrijk om te beschikken over hoogwaardige gegevens over de eigen infrastructuur en toegang te hebben over deze gegevens van andere wegbeheerders. Dit is relevant voor onder meer bijzondere transporten, voor hulpdiensten, maar ook voor de ontwikkeling en uitvoering van omgevingsbeleid. Maar denk ook aan het regelen van het verkeer in drukke gebieden en voor analyses in het kader van de verkeersveiligheid. Daarnaast zien we dat met de opkomst van slimme verkeerssystemen en autonoom rijdende voertuigen het steeds belangrijker wordt om te beschikken over accurate en gedetailleerde informatie over infrastructuur.

Verbetering NWB

Rijkswaterstaat onderzoekt de mogelijkheden om het NWB te verbeteren en beter toegankelijk te maken voor wegbeheerders. Het GNMI helpt Rijkswaterstaat om de aandachtspunten voor gemeenten in kaart te brengen. Het gaat daarbij onder meer om welke behoefte de gemeentelijke wegbeheerders hebben wat betreft de organisatie van de data-uitwisseling en de financiering. Daarbij is de inbreng van zowel de gemeenten die al gebruik maken van het NWB van belang als de gemeenten die dit nog niet doen. Een belangrijk aandachtspunt is de wisselwerking met de bestaande basisregistraties en het Digitaal Stelsel Omgevingswet. In eerste instantie gaat het GNMI aan de slag met een groep van ‘koplopergemeenten’ en zal lopende het proces de inbreng van andere gemeenten hier bij betrekken.

Verbinding nationaal met lokaal beleid

Met de samenwerking tussen GNMI en Rijkswaterstaat wordt invulling gegeven aan de verbindende functie van het GNMI en het stimuleren van de dialoog tussen Rijksoverheid en gemeenten in het mobiliteitsbeleid. Meer informatie over dit project is te vinden op de projectportal van het NWB.

VOC denkt mee over beheer en ontsluiting data infrastructuur

De VOC denkt mee met de verkenningen naar een nieuw topologisch bestand voor infrastructuur. In dit open databestand worden alle relevante gegevens over de infrastructuur in Nederland opgenomen. De verkenning is een initiatief van Rijkswaterstaat.

Sinds de jaren tachtig verzamelt de Rijksoverheid data over Nederlandse wegen in het Nationaal Wegen Bestand (NWB). De technologische ontwikkelingen hebben dit systeem inmiddels ingehaald: er is steeds meer behoefte aan actuele data over infrastructuur in brede zin. Voor de ontwikkeling van intelligente transportsystemen zoals zelfrijdende voertuigen (C-ITS) is actuele en accurate data over infrastructuur cruciaal. Er is ook behoefte aan inzicht over de fysieke eigenschappen en gebruikseffecten van infrastructuur. Daardoor kunnen overheden en marktpartijen inzicht krijgen voor maatregelen en mogelijke producten. Voor wegbeheerders geeft het nieuwe bestand inzicht in het gebruik van hun infrastructuur en de gevolgen daarvan voor bijvoorbeeld de milieukwaliteit en drukte. Voor marktpartijen biedt het bestand goede brondata voor de ontwikkeling van reisinformatiediensten en de ontwikkeling van verkeersmodellen.

Duidelijke afspraken over beheer 

De VOC begrijpt de gedachte van de doorontwikkeling van het NWB. Borging van deze data ziet de VOC als een publieke taak. Het is belangrijk dat wegbeheerders en andere mobiliteitspartijen accuraat zicht hebben op de inrichting en prestaties van de infrastructuur. Hier geldt wel dat alle gemeenten bij elkaar meer dan 100.000 kilometer aan wegen beheren. Daarom is het noodzakelijk dat de inhoudelijke meerwaarde van een nieuwe opzet goed wordt onderbouwd. Ook qua tijdsinzet en de verdeling van de kosten voor ontwikkeling en beheer moeten gemeenten goed kunnen inschatten wat aansluiting op een nieuwe database betekent.

Geluid en trillingen

De VOC adviseert Rijkswaterstaat om goed te kijken naar het opnemen van infrastructurele voorzieningen zoals parkeergarages en laadinfrastructuur. Dit maakt het ook mogelijk om een beter beeld te krijgen over infrastructuurgebruik voor bijvoorbeeld verkeersmanagement en het treffen van verkeersmaatregelen. Daarnaast zijn de milieueffecten van infrastructuur ook relevant voor lokale overheden. Denk daarbij aan geluidhinder rond wegen, maar ook de uitstoot van schadelijke stoffen en trillingen die door het verkeer worden veroorzaakt.  Tenslotte vraagt de VOC aandacht voor de samenhang met de opgave vanuit de Omgevingswet voor overheden om ruimtelijke data te verzamelen en te ontsluiten.